Waarom moet houtstof worden verwijderd?
Gevaren voor de gezondheid
Terwijl houtspanen en grove stofdeeltjes op de grond vallen en zich daar ophopen, verspreidt fijn houtstof zich in de lucht en komt via de luchtwegen het lichaam binnen. De kleinste deeltjesfractie bereikt zelfs de longblaasjes (inadembaar stof). De stofsituatie voor werknemers in een houtzagerij met grove snippers kan daarom minder gevaarlijk zijn dan voor timmerlieden en parketleggers die voortdurend worden blootgesteld aan zeer fijn houtstof.
Bij de bewerking van hardhout zoals eiken en beuken, maar vooral ook van MDF (Medium-density fibreboard), multiplex of exotische houtsoorten zoals mahonie, ontstaat stof dat schadelijk is voor de gezondheid. Het houtstof kan irritaties van de huid, bronchiën en neusslijmvlies veroorzaken. Andere gevolgen kunnen allergische reacties en astma zijn. Hardhoutstof wordt ook als kankerverwekkend beschouwd omdat het vermoedelijk een oorzaak is van neuskanker. Bovendien wordt behandeld hout vermengd met secundaire stoffen (bijvoorbeeld glazuren, vernissen of lijmen), die via de stofdeeltjes in het menselijk lichaam terecht kunnen komen.
De stofklassen bieden uitkomst
Een belangrijke indicator voor het beoordelen van het risicopotentieel – en daarmee bepalend voor de keuze van het apparaat en de methodiek voor de stofafzuiging – is de concentratie van stofdeeltjes in de lucht. Hiervoor wordt het in de klassen L, M en H onderverdeeld. L staat voor licht gevaarlijk stof, M voor middelmatig gevaarlijk stof en H voor zeer gevaarlijk stof. Afhankelijk van de houtsoort en de toepassing valt houtstof in de stofklassen M en H. De apparaten voor het afzuigen van houtspanen en houtstof moeten daarom aan hogere eisen voldoen betreffende hun constructie, filtervermogen en mate van doorlaatbaarheid.










